Tag

gevelsteen

Een nieuwe, eigen plek voor het Molukse verhaal

De Molukse gemeenschappen van Amsterdam en mogelijk ook de rest van Nederland hebben sinds kort een thuishaven gevonden in een bijzonder pand van NV Zeedijk: Oudezijds Voorburgwal 136. De NV Zeedijk verwierf het pand in de zomer van 2018. De NV Zeedijk wilde met de aankoop, zoals iedereen van ons gewend is, iets toevoegen aan de buurt en de stad. De NV Zeedijk heeft het monumentale pand tot een voorbeeld kunnen laten restaureren en vergroenen onder de werknaam Green Light District. De aanwezigheid van de Molukse gemeenschap in dit pand is geen toeval. Het past bij de vorm van respect die de NV Zeedijk wil laten zien.

Malib

Obeth Pattipeilohy en Fabian Sapthu  Saphtu zijn twee van de kwartiermakers in het pand. Deze nazaten van Molukkers, die in 1951 en 1962 vanuit de Indische eilandengroep naar Nederland zijn gekomen, organiseren hier allerlei Molukse activiteiten, zoals taallessen in het Moluks en Maleis, Molukse muziek en kunst. Binnenkort openen zij er ook de eerste Molukse bibliotheek van het land: Malib, wat staat voor Maluku Library.

Herdenking

Obeth Pattipeilohy en Fabian Saphtu voor Oudezijds Voorburgwal 136.

Het is het jaar van de herdenking. De eerste Molukkers kwamen namelijk 75 jaar geleden naar Nederland. Zij dachten dat hun verblijf hier tijdelijk zou zijn, maar inmiddels is er in Amsterdam een grote Molukse gemeenschap, de grootste van het land. De NV Zeedijk vindt ook dat het de hoogste tijd is om aandacht te vestigen op de relatie tussen de Molukkers en de hoofdstad.

“Wijzelf maken alweer tientallen jaren deel uit van het Amsterdamse verhaal. Maar de Molukken en de hoofdstad hebben ook een band die al bijna vierhonderd jaar oud is,” zegt Fabian Sapthu. “De VOC was actief op de Molukken als kolonisator. Ze hadden alleenheerschappij op specerijen en hebben daar eeuwenlang rijkdom aan kunnen onttrekken. Ze konden daardoor voor een groot deel Amsterdam bouwen. Het is dus hoog tijd dat het Molukse verhaal ook een eigen plekje in Amsterdam krijgt, want dat was er tot nu toe niet. Het heeft blijkbaar tijd nodig gehad om te wortelen en duidelijk te krijgen hoe wij onderdeel zijn van de stad.”

Levende bibliotheek

De bibliotheek met 5.000 boeken is daar een voorbeeld van. Obeth en Fabian zijn samen met andere vrijwilligers nog druk bezig met het uitpakken en inventariseren van alle dozen met boeken, die onlangs zijn aangekomen aan de Amsterdamse gracht. Ze komen uit een depot van museum Sophiahof, een museum in Den Haag over de culturele en historische erfenis van Nederlands-Indië. Er was interesse voor deze Molukse boeken; journalisten, studenten en anderen vroegen er regelmatig om voor artikelen en scripties. Dat was reden om ze naar Amsterdam te verhuizen en af te stoffen. Ze staan nu nog in dozen, maar zijn binnenkort beschikbaar. Obeth Pattipeilohy: “Maar ook die boeken geven een bepaald beeld. Voor 95 procent zijn het in het Nederlands geschreven boeken over de Molukken. Maar ook in andere talen, zoals bijvoorbeeld een boek van een Duitser, uit 1937. Deze Ad. E. Jensen was een half jaar op onze eilanden en heeft de ontstaansgeschiedenis beschreven. Dat boek wordt als een bijbel gezien, maar daar kun je vraagtekens bij plaatsen. Er is veel óver ons geschreven, terwijl de Molukken zelf een verteltraditie hebben. Onze eigen verhalen gingen van mond tot mond. Wij zeggen daarom: het boek is belangrijk, maar niet het allerbelangrijkste. Wij willen een levende bibliotheek en ook verhalen delen om het menselijke contact uit onze traditie te stimuleren.” Dat gaat dus ook gebeuren aan de Oudezijds Voorburgwal. Met gesprekken, workshops en masterclasses, maar ook met muziek en exposities.

Bijzonder aan het historische pand Oudezijds Voorburgwal 136 is de gevelsteen. Dit is een houtsnijwerk van admiraal Cornelis Tromp, een beroemde zeevaarder (1629 tot 1690). Het hout was behoorlijk verwaarloosd, maar is na een jaar onderhoud volledig in ere hersteld en teruggeplaatst boven de deur. Alleen wel met een belangrijke aanvulling. Namelijk een zwarte vlek bij het houtsnijwerk. Deze staat symbool voor de historische periode waarin niet enkel overwinningen maar ook onderdrukking, slavernij en armoede onderdeel waren van het bestaan. Deze gevelsteen schetst een completer beeld van die periode.

Bijzonder aan het historische pand Oudezijds Voorburgwal 136 is de gevelsteen. Dit is een houtsnijwerk van admiraal Cornelis Tromp, een beroemde zeevaarder (1629 tot 1690). Het hout was behoorlijk verwaarloosd, maar is na een jaar onderhoud volledig in ere hersteld en teruggeplaatst boven de deur. Alleen wel met een belangrijke aanvulling. Namelijk een zwarte vlek bij het houtsnijwerk. Deze staat symbool voor de historische periode waarin niet enkel overwinningen maar ook onderdrukking, slavernij en armoede onderdeel waren van het bestaan. Deze gevelsteen schetst een completer beeld van die periode.

Veerkracht

Het tweetal ziet de 75 jaar niet als een jubileum, wel als een moment om te herdenken. “Wat wij vieren is veerkracht,” zeggen Fabian Sapthu en Obeth Pattipeipoly. “Als je je moet vestigen in een totaal onbekende omgeving, wordt je veerkracht aangesproken. Wij zijn hier geboren, maar onze ouders zijn hier op heel jonge leeftijd naartoe gekomen. Er zit een echo in van wat je nu veelvuldig in het nieuws ziet. Twee generaties geleden zat onze familie in zo’n situatie.”

Verbinding

Fabian Saphtu en Obeth Pattipeilohy voelen zich allebei Amsterdammer. Zij werken al zo’n dertig jaar samen in de reclame, maar zijn steeds meer bezig met hun eigen roots en vestigen meer de aandacht op de Molukse cultuur en gemeenschap. Het blad Marinjo, dat zij nu onder hun hoede hebben, is daar een voorbeeld van. Het eerstvolgende nummer is een speciale editie over Amsterdam, met portretten van Molukse Amsterdammers en hun relatie. Het is een goed voorbeeld van hoe zij hun cultuur willen delen en hoe verbinding met de samenleving centraal staat. “Daarom  gaat Malib binnenkort ook rondleidingen door deze historische buurt organiseren, vanuit het Molukse perspectief. Om onze gezamenlijke geschiedenis, die al 400 jaar bestaat, te delen.”

Respect voor het verleden

De NV Zeedijk onderzoekt momenteel de mogelijkheden om MaLib definitief te vestigen in het gebouw. Op dit moment is er namelijk nog sprake van een tijdelijke huursituatie. De komst van Malib betekent dat een nieuwe doelgroep wordt aangetrokken naar de binnenstad van Amsterdam en nog belangrijker getuigt van het terechte respect voor het verleden zonder te vervallen in negativiteit of vingerwijzen. Amsterdam moet volgens de NV Zeedijk een tolerante en menselijke stad blijven met respect voor iedereen. We zijn de initiatiefnemers van Malib erkentelijk voor hun inspanningen om iedereen hieraan te herinneren.

De officiële opening van het pand en de bibliotheek vindt in het najaar plaats. Houd de website van de NV Zeedijk en Instagram in de gaten voor nieuws over Malib en hun activiteiten.

 

Aanbieding kunstwerk aan de stad

Het project ‘Erfgoed in perspectief‘ aan de Oudezijds Voorburgwal 136 (OV136) is een initiatief van NV Zeedijk, dat een 17e-eeuws grachtenpand in het historische hart van Amsterdam transformeert tot een plek waar verleden en heden samenkomen. Het pand, met het gevelteken van admiraal Cornelis Tromp, staat symbool voor de maritieme glorie van Nederland, maar draagt ook sporen van het koloniale verleden, inclusief betrokkenheid bij slavernij via de VOC en WIC. Het project beoogt deze complexe geschiedenis zichtbaar te maken door een hedendaags kunstwerk toe te voegen dat reflectie uitlokt over deze ambivalente erfenis. De NV Zeedijk organiseert hiervoor op zaterdag 13 september een middag vullend programma waar u bij aanwezig kunt zijn.


Luister hier naar het interview dat Janny Alberts gaf: Interview Red Light Jazz Radio met Janny Alberts

Het kunstwerk dat op zaterdag 13 september aan de stad Amsterdam aangeboden wordt, dient als een “nieuwe laag” in het verhaal van het pand. Het belicht zowel de trans-Atlantische slavernij als de onderbelichte slavernij in Nederlands-Indië, zonder het bestaande erfgoed te verwijderen. Dit sluit aan bij de bredere stedelijke missie om inclusiever met erfgoed om te gaan, zoals ook blijkt uit initiatieven als het Slavernijmonument in het Oosterpark. Het project combineert zorgvuldige restauratie met duurzaamheid, zoals isolatie, zonnepanelen en een warmtepomp, en benadrukt de noodzaak van een niet-invasieve, onderhoudsarme aanpak.
De locatie aan de Oudezijds Voorburgwal 136 is betekenisvol vanwege haar historische rol als epicentrum van handel en kolonialisme. Het kunstwerk moet voorbijgangers aanzetten tot nadenken over deze geschiedenis, zonder het straatbeeld te overheersen. Het project betrekt bewoners, scholen en internationale bezoekers, wat aansluit bij het onderzoek “Het haperende hart van de stad, 2025”, waarin beschreven de behoefte aan een gedeelde, betekenisvolle plek in de binnenstad. Daarin uitten Amsterdammers hun vervreemding van het centrum, maar ook hun verlangen naar verbinding met de stad. ‘Lagen van Herinnering’ speelt hierop in door een fysieke en symbolische ruimte te creëren die geschiedenis en actualiteit verbindt. Op 13 september 2025 worden, lezingen en een panelgesprek over het slavernijverleden georganiseerd, waarbij het nieuwe kunstwerk wordt gepresenteerd. Dit onderstreept de educatieve en maatschappelijke rol van het project. Het initiatief toont hoe Amsterdam om kan gaan met beladen erfgoed: niet door het te verwijderen, maar door het gesprek aan te gaan en nieuwe perspectieven toe te voegen. Tevens viert NV Zeedijk haar 40 jarig bestaan. Kortom, OV136 is een voorbeeld van hoe erfgoed kan bijdragen aan een inclusievere en duurzame binnenstad, precies waar Amsterdammers in “Het haperende hart ..” om vragen: een plek die verbindt, herkenbaar is en ruimte biedt voor kritische reflectie op het verleden. Het project sluit daarmee aan bij de roep om een binnenstad die niet alleen voor toeristen, maar ook voor bewoners betekenisvol blijft.

Lagen van Herinnering: Erfgoed in Dialoog | Wanneer muren beginnen te spreken
“Erfgoed in Transformatie, ‘Lagen van Herinnering’”, belichaamt een urgente en vernieuwende visie op hoe wij willen omgaan met ons collectieve verleden. Het 17e-eeuwse grachtenpand aan de Oudezijds Voorburgwal draagt niet alleen de maritieme trots van admiraal Tromp in zijn gevelsteen, maar ook de zwijgende sporen van kolonialisme en slavernij. Die visie behelst deze complexe geschiedenis niet te vereenvoudigen of uit te wissen, maar juist te verrijken – door nieuwe lagen van betekenis toe te voegen met ‘het erfgoed in dialoog te gaan’. Het nieuwe kunstwerk naast de gevelsteen symboliseert straks deze aanpak: geen vervanging, maar een uitnodiging tot gesprek. De titel ‘Lagen van Herinnering’ verwijst naar de gelaagdheid van het pand zelf – van de bakstenen uit de Gouden Eeuw tot de hedendaagse kunstinterventies. Maar het benadrukt ook de gelaagdheid van onze interpretatie: hoe kijken we wordt een podium waar verhalen botsen, aanvullen en nieuwe inzichten genereren. Kern van dit initiatief is de overtuiging dat erfgoed pas relevant blijft als het meerdere stemmen ruimte geeft. Niet alleen die van historici, maar ook van kunstenaars, nazaten van tot slaafgemaakten uit de Oost en de West, moderne stadsbewoners, voorbijgangers en toeristen. Zo verbindt deze visie verleden en heden zonder schuldvragen te omzeilen of glorie te idealiseren. Het resultaat is een plek die niet museaal is, maar leeft – precies wat Amsterdam nodig heeft in een tijd van polarisatie en identiteitsvragen. ‘Lagen van Herinnering’ is daarmee geen project over geschiedenis, maar over hoe wij ermee voortleven. Het toont dat erfgoed geen monument is, maar een werkwoord.

Panel “Verhalen van de Stad
Het panel “Verhalen van de Stad – Erfgoed, Toekomst & Verbinding” buigt zich over een urgente vraag: hoe kan erfgoed, in een stad waar veel bewoners zich vervreemd voelen door massatoerisme en commercialisering, weer een bron van verbinding worden? Gebaseerd op inzichten uit “Het haperende hart van de stad” (2025) verkent dit gesprek hoe historische locaties, niet alleen kunnen herinneren maar ook actief kunnen bijdragen aan een gedeelde identiteit.
Met Janny Alberts (directeur NV Zeedijk) bespreken we hoe een balans tussen ondernemers, bewoners en bezoekers – zoals zij die op de Zeedijk realiseerde – kan inspireren tot erfgoedbeheer dat verbindt in plaats van verdeelt. Loes Leatemia (textielkunstenaar en cultureel antropoloog) deelt haar expertise in het vervlechten van koloniale geschiedenis en migratieverhalen, en laat zien hoe ambacht en erfgoed kunnen dienen als bridge tussen gemeenschappen. Rob Renoult (kunstenaar, voormalig bedrijfsleider Paradiso) reflecteert op zijn ervaringen in een gesegregeerde kunstwereld en benadrukt het belang van het zichtbaar maken van diverse perspectieven. Patta Foundation illustreert hoe kunst, mode en community-projecten sociale inclusie en erfgoedrelevantie voor jongeren kunnen bevorderen.Samen onderzoeken ze hoe erfgoed niet mummificeert, maar tot leven komt: door inclusieve verhalen, digitale innovatie, community-gestuurde projecten en een balans tussen behoud en leefbaarheid. Doel is om van erfgoed een werkwoord te maken – een dynamische praktijk die Amsterdammers met elkaar en hun stad verbindt.

Panel “Slavernijverleden in de stad”
Het panel “Slavernijverleden in de stad” duikt in de onvertelde verhalen die in de Amsterdamse stenen zijn gegrift, met Oudezijds Voorburgwal 136 als krachtig symbool. Achter de maritieme gevel van dit pand schuilt een gelaagde geschiedenis van kolonialisme, slavernij en uitbuiting – een erfenis die niet mag worden verzwegen, maar juist moet worden bevraagd. Veel Amsterdammers voelen zich vervreemd van hun eigen binnenstad; een ruimte die zou moeten verbinden, maar vaak verdeelt. Dit panel onderzoekt hoe kunst en erfgoed, zoals de interventie bij OV136, kunnen bijdragen aan een inclusiever narratief.
Met Leo Balai – historicus en expert in de trans-Atlantische slavenhandel – bespreken we hoe fysieke plekken verbonden zijn met dit verleden. Zijn onderzoek naar panden zoals Herengracht 502 laat zien hoe slavernijkapitaal de stad mede vormgaf. Reggie Baay, die taboes doorbrak over het Nederlands-Indische koloniale verleden (zoals de njai), reflecteert op de parallellen tussen verzwegen verhalen in Oost en West. Jennifer Tosch, oprichter van Black Heritage Tours, deelt haar ervaringen met het zichtbaar maken van verborgen erfgoed van de Afrikaanse diaspora. Samen verkennen we hoe kunst tegenstrijdige betekenissen kan verenigen, hoe erfgoed relevant kan blijven voor een diverse stad, en welke rol kunst speelt in het herdefiniëren van een gedeelde toekomst – een toekomst waarin de binnenstad opnieuw een verbindend hart wordt.

Een Huis aan de Gracht
Het pand Oudezijds Voorburgwal 136 in Amsterdam kent een rijke en gelaagde geschiedenis die teruggaat tot de 16e eeuw. Op deze locatie woonde in 1585 de bierbeschoyer Hendrick Lenertsz. Pot, wiens tonnen bier op de kade voor de deur werden geladen en gelost.
De geschiedenis van het huidige pand begint in 1687, wanneer Coossen Veeling een huis koopt op de hoek van de Blaauwlakensteeg, dat toen bekend stond als ‘de Blaauwe hand’. Zijn zoon Gerrit Veeling erfde het perceel. Zijn weduwe, Catharina Ruyter, liet het huis in 1733 in zijn huidige staat herbouwen, voorzien van een karakteristieke klokgevel in Lodewijk XIV-stijl. Aan de zijgevel bevindt zich een goederenluik met rolelement, een stille getuige van het pakhuiskarakter uit die tijd.
Het meest opmerkelijke kenmerk van het pand is het rijk gesneden houten reliëf van admiraal Cornelis Tromp. Het is onduidelijk of dit tableau direct bij de bouw in 1733 werd aangebracht, maar wel zeker is dat het er in 1738 al hing, toen Jan Pranger, gouverneur-generaal van de Afrikaanse kusten, het pand kocht. Mogelijk liet Pranger het reliëf uit verering voor de zeeheld plaatsen, als een politieke statement van zijn Oranjegezindheid. Het reliëf toont Tromp in een traditionele heldenpose, omringd door attributen van zijn glorie: een globe, een zeekaart, zijn schip De Gouden Leeuw en het zwarte jongetje – een destijds gebruikelijk statussymbool in rijke kringen. Het kunstwerk, gebaseerd op een gravure van Jan Hilbers, werd in 1941 en opnieuw in 1998 grondig gerestaureerd.
In de 20e eeuw kende het pand diverse bestemmingen. Van de jaren ’30 tot ’50 was drukkerij ‘De Hoop’ er gevestigd, en later een pension. Vanaf de jaren ’80 huisvestte de kelder een seksshop. Een nieuw, duurzaam hoofdstuk werd ingeluid in 2018, toen NV Zeedijk het pand kocht. Na een volledige klimaatneutrale renovatie werd het een inspiratiebron en symbool voor de stichting Green Light District, die de omliggende buurt wil vergroenen en verduurzamen. Zo verbindt dit monument verleden en toekomst.
De foto hieronder laat het pand aan de Oudezijds Voorburgwal 136 zien tijdens de onthulling van Green Light District.

Hieronder samenvattingen (algemene tekst) in het Engels, Indonesisch en Sranangtongo.

English Summary
The project “Heritage in Perspective” at Oudezijds Voorburgwal 136 (OV136), initiated by NV Zeedijk, transforms a 17th-century Amsterdam canal house into a nexus where past and present converge. This building, marked by a gable stone of Admiral Cornelis Tromp, symbolizes Dutch maritime glory while simultaneously bearing the silent, heavy traces of the nation’s colonial past and its involvement in slavery through the VOC and WIC. The core of the project is the presentation of a new contemporary artwork to the city, designed not to erase the existing heritage but to add a “new layer” to its narrative. This intervention aims to make this complex and ambivalent history visible, prompting public reflection on this dual legacy.
The artwork specifically highlights both the trans-Atlantic slave trade and the often overlooked history of slavery in the Dutch East Indies. This approach aligns with a broader urban mission in Amsterdam to engage with heritage more inclusively. The project combines this dialogue with careful restoration and modern sustainability upgrades like insulation, solar panels, and a heat pump, emphasizing a non-invasive, low-maintenance philosophy.
The location is historically significant as a former epicenter of trade and colonialism. The new artwork is intended to subtly provoke thought in passersby without dominating the streetscape. The initiative actively engages residents, schools, and international visitors, directly responding to findings from the research “Het haperende hart van de stad” – “The Faltering Heart of the City, 2025,” which identified a strong public desire for more meaningful and shared spaces in the city center that foster connection rather than alienation.
The overarching vision, titled “Layers of Memory: Heritage in Dialogue,” proposes an innovative method for handling collective memory. It argues against simplifying or erasing difficult histories, advocating instead for enriching them by adding new layers of meaning and actively “engaging heritage in dialogue.” The new artwork beside the historic gable stone embodies this ethos: it is an invitation to conversation, not a replacement. The project is grounded in the belief that heritage remains relevant only by making space for multiple voices—historians, artists, descendants of the enslaved from both East and West, and modern city dwellers. The goal is to create a living, dynamic place, not a museum, that connects past and present without circumventing questions of guilt or idealizing glory. It redefines heritage not as a static monument, but as an active verb—a continuous process of engagement and re-interpretation crucial for Amsterdam in a time of polarization and evolving identity.

Poem: Gable Stones of Memory
East and West meet in my mortar, time forgets – but clay and walls remember.
New light breaks through the old window: a new tide that breaks the silence, so what was silent becomes a living voice.
Heritage is work instead of dust.

Ringkasan Bahasa
Proyek “Warisan dalam Perspektif” di Oudezijds Voorburgwal 136 (OV136) adalah inisiatif NV Zeedijk untuk mengubah sebuah rumah kanal abad ke-17 di Amsterdam menjadi tempat masa lalu dan masa kini bertemu. Bangunan ini, dengan batu pualam Laksamana Cornelis Tromp, melambangkan kejayaan maritim Belanda sekaligus menyimpan jejak masa lalu kolonial dan keterlibatan dalam perbudakan melalui VOC dan WIC. Inti proyek ini adalah penyajian sebuah karya seni kontemporer baru kepada kota, yang berfungsi sebagai “lapisan baru” dalam narasi gedung. Karya ini dirancang untuk membuat sejarah kompleks dan ambivalen ini terlihat dan mendorong refleksi atas warisan ganda ini, tanpa menghapus warisan yang sudah ada.
Karya seni tersebut menyoroti perdagangan budak trans-Atlantik dan sejarah perbudakan di Hindia Belanda yang sering dilupakan. Pendekatan ini sejalan dengan misi kota Amsterdam untuk menangani warisan secara lebih inklusif. Proyek ini menggabungkan dialog tersebut dengan pemugaran hati-hati dan peningkatan keberlanjutan modern seperti isolasi, panel surya, dan pompa panas, dengan menekankan filosofi yang tidak invasif dan mudah perawatan.
Lokasinya sangat signifikan secara historis sebagai bekas pusat perdagangan dan kolonialisme. Karya seni baru ini dimaksudkan untuk memicu pemikiran orang yang lewat tanpa mendominasi pemandangan jalan. Inisiatif ini secara aktif melibatkan penduduk, sekolah, dan pengunjung internasional, serta langsung menanggapi temuan penelitian “Het haperende hart van de stad” – “Jantung Kota yang Terganggu, 2025,” yang mengidentifikasi keinginan kuat publik akan ruang yang lebih bermakna dan dapat dibagi bersama di pusat kota yang menumbuhkan hubungan, bukan keterasingan.
Visi keseluruhan, berjudul “Lapisan Memori: Warisan dalam Dialog,” mengusulkan metode inovatif untuk menangani memori kolektif. Visi ini menentang penyederhanaan atau penghapusan sejarah yang sulit, dan sebagai gantinya mengadvokasi untuk memperkayanya dengan menambahkan lapisan makna baru dan secara aktif “mengajak warisan berdialog.” Karya seni baru di samping batu pualam bersejarah mewujudkan etos ini: ia adalah undangan untuk berbicara, bukan pengganti. Proyek ini berlandaskan pada keyakinan bahwa warisan tetap relevan hanya dengan memberi ruang bagi banyak suara—sejarawan, seniman, keturunan orang yang diperbudak dari Timur dan Barat, dan penghuni kota modern. Tujuannya adalah menciptakan tempat yang hidup dan dinamis, bukan seperti museum, yang menghubungkan masa lalu dan masa kini tanpa menghindari pertanyaan tentang kesalahan atau mengidealkan kejayaan. Ini mendefinisikan ulang warisan bukan sebagai monumen statis, tetapi sebagai kata kerja—proses keterlibatan dan penafsiran ulang yang berkelanjutan yang sangat penting bagi Amsterdam di masa polarisasi dan identitas yang terus berkembang.

Puisi: Batu Pualam Memori
Timur dan Barat bertemu dalam mortarku, waktu lupa – tetapi tanah liat dan dinding mengingat.
Cahaya baru menerobos melalui jendela tua: pasang baru yang memecah kesunyian, jadi apa yang diam menjadi suara yang hidup.
Warisan adalah pekerjaan, bukan debu.

Opsoem na Sranantongo
A projekti „Furu fu wi a luku” na Oudezijds Voorburgwal 136 (OV136), di NV Zeedijk poti anu, fu wroko tyari wan owru oso di pasa 17 hundru libi marki, kon tron wan presi pe a tem di pasa nanga a tem fu tide kon makandra.
A oso disi, nanga a ston borsu beelti fu Admiral Cornelis Tromp, san e sori a glori tem fu bakra kondre “Netherland”sobu, na tapu liba, ma sobu a deh sori ooktu na dungru nanga takru fu katibo. Nanga den marki fu a srafu tem. Sobu a tem fu VOC nanga WIC.. Na djojo fu a projekti disi na a kado “kunstwerk” di den piking fu den wan di ben libi naini katibo gi a foto Amsterdam. Na ”kunstwerk” disi no wani puru a owru furi fu den di libi na ondro katibo, ma a wani tjari kon „wan njoen firi” tapu talmenti ini a tori fu a oso disi. A kon makandra disi nafu  sori na dobru firi nanga fasi fu na katibo, èn meki alla suma di e pasa denki fu sampasa san ben de bifo en san de tide na de.
Na “kunstwerk” disi specrutu e sori tapu alla tu srafu libapasi da trans-Atlantische katibo èn ooktu na a katibo na ini Indo-Netherland di katibomasra no e wan taki nanga memre furu. Ma sabi so e poti yu na bangi.
A kon makandra disi e hor anu nanga wan moro bigi boskopu ini a foto Amsterdam. Da kriboi tem di pasa (geschiedenis, sobu) meki na bigi boskopu disi e waka anu naini anu fu du anga firi wan fasi di moro kon makandra. A projekti e tjari kon makandra na taki disi nanga fosten fasi èn a tem fu tide nanga njun denki, leki isolatie, son-paneri ( zonnepanelen), en wan warmtrapompu. Alla  modern sani di no abi furu fanodu fu lever san de fanodu èn di no abi furu ondrow.
A presi abi furu historia. Presi pe ini katibo tem bogo bogo papira be meki, libi suma be seri libi suma nanga specree, see nanga see. A njun “kunstwerk” wani meki libisma di e waka pasa denki na historia disi, sabi so e poti yu na bangi. ma a no mag tapu na heri strati. A wrokomakandra disi e barkari birtisma, skoro, nanga doro see kondre sma (tourist sobu). Fu no drai drai ma luku taki en leri fu a wrokomakandra boskopu “Het haperende hart van de stad” – „A broko-ati fu a foto, ini 2025”, di feni dati moro presi musu de na mindri foto pe den sma kan de fri fu taki en kon na wan prefu den presi pe libisma e broko broko makandra.
A koni memre, di abi a nen „ Layers of Memory: Heritage in Dialogue”, e tjari wan njun fasi fu abi wan makandra sabiso. A no wani meki a hebi historia disi kon tranga noso puru en, ma a wani meki en moro furu – fu poti njun pisi fu mening èn ‚meki a furu taki anga’. A njun “kunstwerk” na see fu a owru ston e sori a fasi disi: a no wan kari fu taki, a no wan fu puru. A projekti e tan pan a bribi taki furu o tan soso efu a e gi presi gi furu sten – fu hestoriaman, kunstena, pikinpikin fu den sma di den ben meki slafu fu Oost anga West, èn njun foto-sma. A wroko na fu meki wan presi di e libi, no leki museum, di e koppel a katibo anga a dey fu tide. A no e wegi aksi fu fo dede èn a no e preisi a glori. A e sori taki furu no na wan monument, ma na wan wroko – wan dynamische aksi di e koppel sma èn di e go doro. A disi de hebi gi Amsterdam na wan ten fu polarisatie anga aksi fu san na identiteit.

Poëzie: Ston fu Memre fu na oso ede
Oost anga West e miti na ini mi mortel, ten e frigiti – ma klei anga wòl e memre.
Now leti e broko na ini a owru wintji: wan now tide di e broko a tiri, so san ben de tiri kon a stema di e libi.
Furu na wroko na ini plesi fu stofu. [af/mh]

Gedicht: Gevelstenen van Herinnering
Oost en West ontmoeten zich in mijn voegen, de tijd vergeet – maar klei en muren gedenken.
Nieuw licht breekt door het oude raam: een nieuwe vloed die het zwijgen doorbreekt, zo wordt wat zweeg, een stem die leeft.
Erfgoed is werk in plaats van stof.

Het kunstwerk | toelichting door kunstenaar Jerrold Saija
“Wanneer je voor de ingang van het pand staat en omhoog kijkt, sta je normaal gesproken oog in oog met Cornelis Tromp die van bovenaf op je neerkijkt. Boven de deur, als een soort klein dakje, verschijnt nu een grote zwarte vlek die het zicht op de gevelsteen verstoort. Deze vlek is gecoat met een lichtabsorberend zwart, een materiaal dat vrijwel al het licht absorbeert en het oppervlak verandert in een diepe, lichtloze leegte. Als men goed kijkt is er een gedicht te lezen, een weerklank van het jongetje dat te zien is op de gevel naast Tromp.
Wat in eerste instantie lijkt op een willekeurige vlek, blijkt bij nader inzien zijn handtekening te zijn, gevonden in het Nationaal Archief in brieven aan Johan de Witt. Zijn handschrift is vervormd tot een schaduw die precies vanuit dat ene gezichtspunt recht onder het kleine dakje het beeld in de weg staat. Het oogt als een vlek, een blinde vlek, zowel letterlijk als figuurlijk.
Vanuit andere hoeken en op afstand blijft het beeld van Tromp zichtbaar, maar vanaf die specifieke plek onder het kleine dakje wordt het zicht geblokkeerd. Hierdoor hoef je niet langer op te kijken naar de zeeheld, maar word je uitgenodigd hem vanuit een ander, kritischer perspectief te bekijken. Het zet je in een positie van reflectie en vraagt je het traditionele beeld van heldendom te heroverwegen. Tegelijkertijd verwijst het naar de zwarte pagina’s van de geschiedenis die vaak buiten beeld blijven.
Deze blindheid wijst op wat bewust buiten beeld is gehouden: de mensen, culturen en geschiedenissen die de rijkdom, macht en dromen van figuren als Tromp mogelijk maakten. Hoewel hij zelf niet direct betrokken was bij slavernij, profiteerde hij wel van de structuren en systemen die deze onmenselijkheid in stand hielden. Het werk nodigt uit om stil te staan bij die verhalen, de stemmen die nooit klonken in de glorieuze façade van heldendom. Het herinnert ons aan de schaduwen die altijd aan macht verbonden zijn en aan de verantwoordelijkheid om die schaduwen onder ogen te zien. Wie naar beneden kijkt, ziet zijn handtekening op een deurmat voor de ingang. Zijn handtekening ligt aan je voeten, maar blijft voor hem buiten zicht. Een stille verwijzing naar zijn blindheid voor de sporen die hij heeft nagelaten in het nu. Deze blindheid wijst op wat bewust buiten beeld is gehouden: de mensen, culturen en geschiedenissen die de rijkdom, macht en dromen van figuren als Tromp mogelijk maakten. Hoewel hij zelf niet direct betrokken was bij slavernij, profiteerde hij wel van de structuren en systemen die deze onmenselijkheid in stand hielden.
Het werk nodigt uit om stil te staan bij die verhalen, de stemmen die nooit klonken in de glorieuze façade van heldendom. Het herinnert ons aan de schaduwen die altijd aan macht verbonden zijn en aan de verantwoordelijkheid om die schaduwen onder ogen te zien.”

Juryrapport | Erfgoed in Perspectief – Van Tromp tot Transformatie
Geachte heer Jerrold Saija,
Naar aanleiding van uw voorgestelde kunstinterventie ‘blinde vlek’ ter aanvulling en bevraging van de gevelsteen van Cornelis Tromp, laat de jury zich unaniem enthousiast en onder de indruk uit over uw concept. Uw werk wordt gezien als meer dan een artistieke ingreep; het is een essentieel en poëtisch antwoord. Een antwoord op de stille autoriteit van een gevelsteen, op het collectieve geheugenverlies rondom figuren als Tromp, en op de vraag hoe een stad als Amsterdam haar vele, vaak verzwegen geschiedenissen kan laten voortleven.
Uit onze bespreking rijst het beeld op van een werk dat niet schreeuwt, maar uitnodigt. Het zwijgende, bijna absolute zwart van Vantablack fungeert niet als een slot op het verleden, maar als een portaal naar een diepere, complexere dialoog over het koloniaal- en slavernij verleden, waar machtsstructuren en onderdrukking speelden.
Net als het pand zelf is uw kunstwerk gelaagd. De eerste laag is die van de artistieke daadkracht: een innovatief, visueel confronterend statement. De tweede laag is de erfgoedwaarde: het voegt een kritische reflectie toe zonder de bestaande geschiedenis uit te wissen. Het plaatst geen verwijt, maar een vraagteken. De derde en belangrijkste laag is de maatschappelijke resonantie: het werk activeert het erfgoed. Het zet de toeschouwer aan tot ongemak, tot nadenken over systemen van macht en de vergeten verhalen die, net als het licht in het Vantablack, worden opgeslokt.
De jury ziet in uw voornemen om via ‘critical fabulation’ – een methode zoals beschreven door Saidiya Hartman – een stem te geven aan de naamloze zwarte jongen die Tromp begeleidde, een van de meest krachtige en noodzakelijke aspecten van dit project.
De samenwerking met een zwarte vrouwelijke schrijver of dichter om dit verhaal met gevoeligheid en kracht te vertellen, onderstreept de intentie om niet over, maar mét de gemeenschap en haar erfgoed te werken. Het educatieve element, versterkt door een artistiek ingericht plakkaat. Via een QR-code wordt de voorbijganger verwezen naar een pagina met een verdiepende reflectie. De historische context wordt nader omschreven en zorgt voor een duurzame impact en bewustwording. De kracht van uw werk brengt ook een opdracht met zich mee. Een kunstwerk dat zo’n urgent gesprek opent, draagt de verantwoordelijkheid om dat gesprek ook optimaal te faciliteren. Onze aanbevelingen – zoals het versterken van de verbinding met de bredere mondiale context van kolonialisme, handel en macht (van Oost tot West en Zuid. Het aangaan van een dialoog met de al aanwezige problematische symbolisering van de jongen op de voorgevel, en de nadruk op het educatieve element, inclusief de implicaties voor het heden en de toekomst – zijn dan ook geen kritiek, maar een erkenning van het grote potentieel van uw werk. Het zijn suggesties om de cirkel van de dialoog te sluiten; om de muren niet alleen te laten spreken, maar ze ook te laten luisteren en uitleggen.  ‘blinde vlek’ transformeert de gevel daarmee van een statisch monument in een dynamische ontmoetingsplek. Het toont dat waarheid niet zwart-wit is, maar vaak ligt besloten in de diepte van het zwart zelf. Het erfgoed wordt hier geen antwoord opgelegd, maar een werkwoord aangeboden: een voortdurend, collectief proces van herinneren, bevragen en begrijpen. Zo wordt wat zweeg, een stem die leeft.
De jury is van mening dat uw project volledig aansluit bij de doelstellingen van educatie, maatschappelijke bewustwording en het creëren van blijvende impact. Wij kijken uit naar de realisatie en zijn vol vertrouwen dat ‘blinde vlek’ een wezenlijke bijdrage zal leveren aan het actuele debat.
Met kunstzinnige groet, Namens de jury, Janny Alberts, Anis de Fretes, Loes Leatemia, Dickie Leatemia
Een fotoverslag van de middag kunt u hier bekijken: fotoverslag aanbieding kunstwerk aan de stad

Productie
Anis de Fretes | projectleider | anis.defretes@nvzeedijk.nl
Nina Wattimena | project assistent | nina.wattimena@nvzeedijk.nl
Luuk Hasselman | logistiek | H&L Producties | H&L Producties
Red Light Jazz Radio | Zeedijk 44 | Red Light Jazz Radio